Vereniging

De geschiedenis van "De Roostenzangers"

Het Eindhovens Gemengd Koor ‘De Roostenzangers’ vindt zijn oorsprong in 1925, om precies te zijn op 5 maart 1925. In de R.-K. Volksbond in Eindhoven kwam die dag een dertigtal heren bijeen op uitnodiging van G. Hamers, pastoor van de later dat jaar in Stratum op te richten Parochie St. Gerardus Majella, en musicus W.v.d. Sterren. Doel was het stichten van een R.-K. Zangkoor dat de plechtigheden in de nieuwe parochiekerk kon opluisteren. De opzet slaagde. De aanwezigen besloten een koor te beginnen onder de naam ‘Unitas et Pax’. Er meldden zich 26 leden aan. W.v.d. Sterren werd de eerste dirigent. Dezelfde maand nog had de eerste repetitie plaats. Begonnen werd met het instuderen van de Tweestemmige Mis van Mitterer. Het kersverse koor voerde deze mis op 24 juni 1925 uit bij gelegenheid van de plechtige inwijding van de nieuwe St. Gerardus Majellakerk op het St. Gerardusplein in Stratum. Deze datum is statutair vastgelegd als oprichtingsdatum.

De eerste decennia in de bestaansgeschiedenis van het koor verliepen zonder opvallende gebeurtenissen. Uit de in sierlijk handschrift te boek gestelde verslagen van vergaderingen en jaarverslagen blijkt dat het repertoire geleidelijk groter werd. Vaste wekelijkse repetities en een cursus Gregoriaans droegen daar zorg voor. Met enige regelmaat moest het bestuur de leden opporren om toch vooral de repetities, cursusavonden en de zondagse uitvoeringen bij te wonen. Op afwezigheid stond een boete van een dubbeltje tot vijftig cent. Dat laatste als men verstek liet gaan bij de opluistering van de Hoogmis op Eerste Kerstdag. Naast uitbundige St. Ceciliafeesten werden ook kooruitstapjes per fiets of touringcar, al of niet gecombineerd met een vrolijk optreden, een jaarlijkse traditie. Als de kas het toestond, werden er ook trips naar het buitenland gemaakt.

Oorlog

En dan slaat de oorlog toe. Secretaris A. van Gennip meldde op 11 januari 1945 in het handgeschreven jaarverslag over 1944: ‘Dit jaar is tot dusverre wel het meest bewogene uit heel de geschiedenis van ons bestaan. De repetities die voor de doorsnee koorzanger steeds als een ontspanningsavond gelden, waren dat in het afgelopen jaar zeker niet. De gespannen toestand zorgde ervoor dat de meeste repetities zeer slecht bezocht waren; enerzijds omdat men bang was opgepakt te worden door Gestapo of landwachtboeven, anderzijds omdat men niet van huis mocht van moeder de vrouw, die bevreesd was voor gevaar vanuit de lucht. Vanaf de bevrijding tot begin december werden de repetities stopgezet, behoudens enkele kort na de Hoogmis’.

Moeizame jaren

Na de oorlog leidde het koor enkele jaren lang een ietwat moeizaam bestaan. De mensen hadden kennelijk iets anders aan het hoofd dan het zingen in een kerkkoor. Er was weinig - volgens opeenvolgende jaarverslagen zelfs veel te weinig - aanwas van nieuwe leden. De discipline van veel leden liet te wensen over. De dirigent - indertijd nog altijd aangeduid als ‘de directeur’ - stond tijdens repetities vaak oog in oog met maar een buitengewoon klein deel van het koor. Bij bijzondere gelegenheden werd samengewerkt met een jongenskoor, dat speciaal daarvoor werd samengesteld door het hoofd van de R.-K. Jongensschool van de parochie. Eind vijftiger jaren kreeg het jongenskoor vastere vorm en werd onderdeel van het eigenlijke koor. Dit alles onder het motto: wie de jeugd heeft, heeft de toekomst.

Omslag

Een echte omslag kwam in 1959 met de aanstelling van Hans Kronenburg als dirigent. Hij deed een serieuze poging het koor planmatig op een hoger niveau te krijgen en schroomde daarbij niet stevig op te treden. Dat leidde zelfs tot een heus conflict over zijn wens een groep al wat oudere leden afscheid te laten nemen van het koor. De pastoor van de St. Gerardus Majella moest ingrijpen om de problemen in de kiem te smoren. Op 1 mei 1962 werd Kronenburg als dirigent opgevolgd door Dyon van Dijk, die op de kop af 21 jaar lang het dirigeerstokje hanteerde. Omdat het steeds moeilijker werd jongens voor het koor te interesseren, werd besloten de gelederen te versterken met dames. De eerste dames-leden werden ingeschreven op 27 oktober 1966. Het mannenkoor is vanaf dat moment een gemengd koor. Enkele jaren later valt het besluit ook meisjes toe te laten. De eerste meisjes-leden worden ingeschreven per 1 oktober 1970.

De door Van Dijk nagestreefde kwaliteitsverbetering van het koor vergde ook meer geld dan een doorsnee kerkkoor indertijd tot zijn beschikking kreeg. Tegen die achtergrond viel in 1967 het besluit het kerkkoor om te vormen tot een profaan koor. Dat bood de mogelijkheid subsidie te verwerven bij de gemeente Eindhoven. Gekozen werd voor de nieuwe naam ‘De Roostenzangers’, geïnspireerd door de Stratumse buurt De Roosten waarin het koor zijn oorsprong heeft.

Volle wasdom

Onder leiding van Dyon van Dijk komt het Eindhovens Gemengd Koor ‘De Roostenzangers’ tot volle wasdom. Een absoluut hoogtepunt is de Nederlands première van de Messa di Gloria van G. Puccini in de Eindhovense Stadsschouwburg bij gelegenheid van het vijftigjarig bestaan in 1975. In dat jaar produceerde het inmiddels tot ruim 100 leden uitgegroeide koor ook zijn eerste langspeelplaat met daarop een gevarieerde keuze uit het inmiddels fors gegroeide repertoire. Vijf jaar later, in 1980, volgde een langspeelplaat met kerstliederen. Een muzikaal hoogtepunt onder zijn leiding was ook de uitvoering van onder meer het Magnificat van C.Ph.E. Bach in de Catharinakerk in Eindhoven in 1978.

Positieve recensies

Op 1 mei 1983 werd Dyon van Dijk als dirigent opgevolgd door de huidige dirigent Jos Thomassen. Met straffe hand gaf hij - voortgaand op de door Dyon van Dijk ingezette weg - vorm aan de verdere muzikale ontwikkeling van het koor. Aanvankelijk nog met kleinere concerten, maar gesteund door zangpedagogen als Marina Staas en Ruth Carasso wist Thomassen De Roostenzangers naar een niveau te tillen, dat hij ook grotere werken aandurfde. In 1989 verzorgde het koor een benefietconcert in de Brigidakerk in Geldrop met het "Te Deum" van M.A. Charpentier, "Psalm 150" van C. Franck en de "Messe solennelle de Sainte Cécile" van Ch. Gounod. En met succes, getuige de lovende recensie in het Eindhovens Dagblad. Dit betekende een ommekeer in de keuze van de uit te voeren werken. Sindsdien stond jaarlijks een groot concert op het programma met medewerking van een orkest en solisten. In de jaren die volgden voerden ‘De Roostenzangers’ drie maal ’Messiah’ van G.F. Händel uit (1990, 1994 en 1999). Ook "Die Schöpfung" van J. Haydn werd drie maal uitgevoerd, twee keer in Eindhoven (1992 en 1998) en één keer in Praag ter gelegenheid van de viering van het vijfenzeventig jarig bestaan (2001). In 1993 brachten ‘De Roostenzangers’ een concertbezoek aan het Poolse Bialystok, waar zij o.a. de "Krönungs-Messe" van W.A. Mozart uitvoerden met orkest en solisten. Successen werden ook geboekt met de uitvoering van het ‘Weihnachts-Oratorium’ van J.S. Bach in 1995 en 2005, 'Die Jahreszeiten' van J. Haydn in 2004 en een tweetal Mozart-concerten ("Thamos, König in Ägypten" en delen uit "Die Zauberflöte" in 1997 en "Idomeneo, re di Creta" in 2002). Heel bijzonder in deze rij was het galaconcert ter gelegenheid van het vijfenzeventigjarig bestaan in 2000 met koorwerken van Haydn, Brahms, Beethoven, Franck en Gounod. 

In deze periode werden Eindhovens burgemeester dr. R.W. Welschen en zijn opvolger drs. A.B. Sakkers erevoorzitter van ‘De Roostenzangers'.

Nieuwe start en nieuw succes

Ondanks de successen ontstond steeds nadrukkelijker de discussie over de toekomst van het koor, de verbetering van de kwaliteit en daarmee samenhangend het artistieke beleid in de toekomst. Dit had tot gevolg dat de samenstelling van het koor in de loop van 2006 drastisch veranderde. Het ledental dat kort daarvoor nog op 90 stond, daalde in de loop van 2006 naar 39. Zodoende was het niet meer mogelijk concerten te geven met het repertoire dat men van De Roostenzangers gewend was.

De overgebleven leden bleken echter vastberaden in hun streven om het koor er opnieuw bovenop te helpen. Nieuwe leden meldden zich, waardoor de koorbalans weer in belangrijke mate werd hersteld. Het ledental ligt al enkele jaren vrij stabiel rond de 45.
Enthousiast wordt wekelijks gewerkt aan een nieuw bij de samenstelling en mogelijkheden van het koor passend repertoire, waarbij ook repertoire uit de kast wordt gehaald dat eerder werd uitgevoerd. Inmiddels werden dan ook weer aansprekende concerten gegeven met o.a. de "Missa Solemnis" KV 337,  de "Vesperae solennes de Confessore" KV 339 en het "Requiem" KV 626 van W.A. Mozart, "Der 42. Psalm" van F. Mendelssohn-Bartholdy, "Die Tageszeiten" van G. Ph. Telemann, de "Coronation Anthems" van G.F. Händel, het "Oratorio de Noël" van C. Saint-Saëns, "Der Tod Jesu" van C.H. Graun, de cantate "Du Hirte Israel, höre" BWV 104 van J.S. Bach en de "Misa Criolla" en "Navidad Nuestra", beide van A. Ramirez.
Het is dan ook alleszins weer de moeite waard om een concert van de Roostenzangers te bezoeken.

In deze periode werd Eindhovens burgemeester R. van Gijzel erevoorzitter van ‘De Roostenzangers'.

(Pagina laatst bijgewerkt op 19 januari 2015)